Voorlichting van zorgcentra over levenseinde-zorg schiet tekort

26 jun.

De NPV inventariseerde websites van 323 zorginstellingen

De informatie van verpleeg- en verzorgingshuizen op hun website over zorg rond het levenseinde is gebrekkig en soms ronduit verwarrend. Dat blijkt uit een inventarisatie van de NPV naar de communicatie van zorginstellingen over levenseindezorg. De NPV nam de websites van 323 instellingen onder de loep. Daarvan verstrekken ruim 300 weinig, onjuiste of helemaal geen informatie over de zorg rondom het levenseinde via hun website.
Reliëf reageerde hierop.


De NPV onderzocht welke informatie over zorg rond het levenseinde verpleeg- en verzorgingshuizen online verstrekken, zodat (toekomstige) bewoners en hun mantelzorgers weten wat het beleid van de instelling is bijvoorbeeld rondom reanimatie, palliatieve zorg of euthanasie. De uitkomst van het onderzoek is teleurstellend te noemen. Slechts 6 instellingen scoorden een voldoende, 14 werden met een matig-voldoende beoordeeld, de overige 303 presteerden onvoldoende. De gebrekkige informatie op de website hoeft overigens niet te betekenen dat de onderzochte instellingen geen beleid rond het levenseinde hebben opgesteld. Het is echter beter als toekomstige bewoners van tevoren al weten welke zorg de instelling biedt bij het levenseinde. Dit kan mogelijk ook de keuze voor een zorginstelling beïnvloeden.

Voor dit onderzoek gebruikte de NPV een puntenschaal. Een zorginstelling scoorde een voldoende wanneer op de website de volgende onderwerpen helder werden omschreven: palliatieve zorg reanimeren, euthanasie, wilsverklaringen, levenseinde of laatste levensfase. Er is gekeken naar het geheel van de informatie. Werd één onderwerp heel duidelijk omschreven en de rest minimaal, dan scoorde het verpleeg- of verzorgingshuis een matig-voldoende. Ook als alle of veel onderwerpen werden beschreven, maar het gevoerde beleid van de instelling niet duidelijk was, scoorde de instelling een matig-voldoende. Wanneer slechts één onderwerp aan de orde kwam, bijvoorbeeld euthanasie, dan kreeg de instelling een onvoldoende. Diezelfde beoordeling gaf de NPV als de informatie verwarrend was, moeilijk vindbaar of zelfs helemaal niet aanwezig.

Diederik van Dijk, directeur NPV: ‘Wij vinden de uitkomsten van de inventarisatie teleurstellend. In samenleving, politiek en media is volop - vaak eenzijdig - aandacht en publiciteit voor de mogelijkheid van actieve levensbeëindiging. Juist daarom is het belangrijk dat zorginstellingen laten zien dat er goede alternatieven beschikbaar zijn én dat zij daarover open communiceren. (Potentiële) bewoners en hun naasten moeten weten waar zij aan toe zijn en via de website van een zorginstelling kunnen beschikken over betrouwbare informatie. We hopen dat de uitkomsten niet indicatief zijn voor de wijze waarop de inhoud van zorg in de laatste levensfase met mensen wordt besproken, zowel bij de intake als tijdens het verblijf.’

Reactie van Reliëf:
‘Het is een opvallende constatering dat zoveel verpleeghuizen geen heldere informatie geven over de zorg rondom het levenseinde. Die zorg is inmiddels immers corebusiness in verpleeghuizen, waar cliënten steeds korter verblijven. Palliatieve zorg krijgt relatief een steeds grotere plaats in verpleeghuizen. Intern is er meestal zorgvuldig beleid geformuleerd. Medewerkers zetten zich met hart en ziel in voor patiënten die gaan sterven. Het is daarom een gemiste kans om op de websites niet expliciet duidelijk te maken dat in het verpleeghuis juist bij de invulling van palliatieve zorg expertise in huis is en mensen kunnen rekenen op menslievende zorg, ook rond het levenseinde. Speelt hier de angst om het imago van het verpleeghuis als ‘schrikbeeld’ te versterken? Met transparante informatie zou juist dat imago kunnen worden weersproken.’

Terug naar nieuws