Reliëf Blogs

Dag van de Levensvragen

Doe je mee?

Op of rond 25 juni, de Dag van de Levensvragen, nodigen we je van harte uit om een eigen activiteit te organiseren binnen je organisatie of woonplaats. Je kunt op www.dagvandelevensvragen.nl voorbeelden van activiteiten van vorig jaar vinden. Denk eens aan een biografische wandeling, een les over palliatieve zorg, een gratis coaching, een webinar of een levensvragenontbijt. Kijk op de website voor meer inspiratie!

Doe je mee? Vergeet niet je activiteit aan te melden op: www.dagvandelevensvragen.nl we verloten na afloop €100,- onder de mensen die zich aanmelden.

Op 25 juni is het de tweede keer dat de Dag van de Levensvragen georganiseerd wordt. Deze dag is in het leven geroepen om het gesprek over levensvragen te stimuleren. Diverse organisaties zullen op die dag aandacht vragen voor wat levensvragen zijn en hoe je deze bespreekbaar kunt maken.

 

 

Henri Nouwenretraite

Henri Nouwenretraite

Het levensverhaal van Henri Nouwen is bijzonder te noemen. Een hoogleraar die begeleider werd van mensen met een verstandelijke beperking. In de zorg voor de ander ontdekte hij hoe waardevol elk mens is, een ‘geliefd kind van God’. We spiegelen onze eigen ervaringen en spiritualiteit in de zorg aan die van Henri Nouwen en laten ons door hem inspireren tijdens deze  (24-uurs) retraite.

Datum:  8 – 9 september  (17.00 – 17.00 uur)
Locatie: De Spil, Maarssen
Meer informatie: academie@relief.nl

Zorg voor elkaar

Blog van Iepie Kroese, coach/trainer zingeving en ethiek bij Relief

Sinds ik me heb verdiept in de zorgethiek ben ik me er meer bewust van geworden hoe onze samenleving als het ware aan elkaar hangt van zorg. Zo zijn er mensen die zorgen voor schoon drinkwater, bevoorrading van winkels, reparatie en onderhoud van onze auto’s en huizen en wordt er voor ons gezorgd wanneer we medische hulp nodig hebben. En dan zijn er nog die ontelbare momenten dat mensen ‘zomaar’ voor elkaar zorgen.

Zoals laatst een jongeman zich over mijn vader ontfermde die tijdens een treinreis in paniek raakte toen bleek dat er sprake was van enkele uren vertraging. Van de schrik wist mijn vader, die beginnende dementie heeft, niet meer hoe zijn telefoon werkte. Met hulp van deze man lukte het gelukkig wel en kon mijn vader aan zijn vriendin melden dat hij vanwege de langdurige vertraging had besloten huiswaarts te keren. 

Het raakte me dat deze jongeman de paniek van mijn vader had opgemerkt en zich om hem had bekommerd. “Gaat het meneer?’ had hij eenvoudigweg gevraagd. Hoe belangrijk is het toch om er attent op te zijn dat mensen die ons pad kruisen soms onze hulp nodig hebben. Om met de Griekse filosoof Aristoteles te spreken is het dan wel van belang om hierbij ‘het juiste midden’ te hanteren. 

Ik wil in mijn zorgzaamheid nog wel eens doorschieten en word hier zo nu en dan door mijn omgeving op subtiele wijze op gewezen. En soms iets minder subtiel. Zoals ook door de nog vrij jonge dame die slecht ter been was en die duidelijk niet zat te wachten op de hulp die ik aanbood om haar fiets uit een overvol fietsenrek te manoeuvreren. “Dat kan ik zelf wel!” beet ze me snibbig toe als antwoord op mijn vraag of ik haar kon helpen. Beteuterd droop ik af, me realiserend dat het niet voor iedereen prettig is wanneer er, misschien voor de zoveelste keer, hulp wordt aangeboden.

 “Zelf doen” ligt ons van jongs af aan niet voor niets voor in de mond. Zoveel mogelijk zelf doen; dat willen we allemaal. Maar als dat even niet lijkt te lukken kan het geen kwaad om op zijn minst die eenvoudige vraag te stellen: “Gaat het?” Dat we daarbij af en toe het deksel op de neus krijgen is onvermijdelijk en misschien maar goed ook. Het houdt ons met beide benen stevig op de grond en in het juiste midden.

Specialisatie geestelijk verzorgers thuis

Op zaterdag 2 april ontvingen acht geestelijk verzorgers hun certificaat voor het volgen van de training ‘specialisatie geestelijk verzorgers thuis’. Ze ontvingen dit certificaat na het volgen van deze driedaagse training, die georganiseerd werd door Sichtpunt in Leeuwarden. Bij Sichtpunt werken geestelijk verzorgers die werkzaam zijn voor de gehele provincie Friesland. De geestelijk verzorgers bieden professionele begeleiding, hulpverlening en advies bij zingeving en levensvragen aan mensen in de thuissituatie. Daarvoor zijn ze speciaal opgeleid en ze willen zich ook blijvend ontwikkelen.

Belang van verhalen

Sichtpunt meldde zich daarom bij Reliëf, als coördinator van de training die gericht is op de specialisatie van geestelijk verzorgers als ‘geestelijk verzorgers thuis’. Een duidelijk recente ontwikkeling binnen deze beroepsgroep, gestimuleerd door subsidiegelden vanuit VWS, om begeleiding in de thuissituatie te geven. De subsidie is vooral bedoeld voor het stimuleren van geestelijke verzorging aan vijftig plussers en binnen de (kinder)palliatieve zorg. Maar in deze training wordt helder dat het vak méér behelst dan individuele begeleiding geven aan mensen thuis, na bijvoorbeeld doorverwijzing van een huisarts of andere hulpverlener. Ontdekken wat dat méér en ándere is of kan zijn, staat centraal. Waar is de nood in onze samenleving? Waar en hoe komen levensvragen daarbij in beeld? Welke ondersteuning is mogelijk? Naast individuele begeleiding is er ook groepswerk mogelijk of het op gang brengen van ‘gemeenschapsverhalen’. Die verhalen kunnen worden verteld en onder de aandacht gebracht om vanuit het perspectief van een bepaalde groep mensen waar de nood hoog is, stem te geven aan wat er op het spel staat. Zo is bijvoorbeeld een groep geestelijk verzorgers zeer actief in het aardbevingsgebied in Groningen. Een scheur in je huis, is ook een scheur in je leven, zo maken die duidelijk.

In company

De acht geestelijk verzorgers van Sichtpunt dachten onder leiding van Marjo van Bergen en Wout Huizing na over de mogelijkheden in Friesland. Door de training ‘in company’ te organiseren was er volop gelegenheid goed te kijken naar de specifieke context in Friesland en ook stil te staan bij de werkwijze van Sichtpunt in het samen optrekken als geestelijk verzorgers. Deze training is gestart in 2021 als Open Inschrijving via Reliëf en de beide trainingen in dat jaar waren direct volgeboekt. Ook voor 2022 zijn beide Open Inschrijvingen al volgeboekt. Een goed idee dus om te kijken naar in company mogelijkheden! Meer informatie via academie@relief.nl

 

 

 

 

 

Casus Ethiek: De gepassioneerde patiënt

Jaap van Buren (59) is opgenomen op de afdeling cardiologie. Hij heeft een hartinfarct gehad en heeft hiervoor een dotterbehandeling gekregen. De cardioloog heeft echter op meerdere plekken ernstige vernauwingen gezien en vindt het noodzakelijk dat er een bypassoperatie wordt uitgevoerd. Anders is het risico op overlijden groot. Het is een ingrijpende operatie met een revalidatieperiode van een aantal maanden. Jaap heeft echter naast hartklachten darmkanker. Zijn levensprognose is minder dan een jaar. Jaap wil geen levensverlengende behandelingen. Hij wil niet vier maanden van zijn kostbare jaar moeten revalideren. En dus ziet hij af van de bypassoperatie. Nu heeft Jaap vanmorgen een gesprek gehad met zijn oncoloog. Ze heeft hem positief nieuws gebracht, zijn waarden zien er goed uit. De prognose van minder dan een jaar wil ze graag bijstellen. Hoe lang dan nog? Dat is moeilijk te zeggen, maar als zijn waarden zo stabiel blijven is ze zeker hoopvol.

Zwart-wit

Jaap van Buren is niet op zijn kamer, maar zit aan tafel in de gang. Hij vertelt dat hij getrouwd is met Marjolein en dat hij bij de gemeente heeft gewerkt. Hij is vrijwilliger als mentor voor mensen met schulden en dit geeft hem veel voldoening. Daarnaast tekent hij graag. Op tafel ligt een zwart- wit tekening. De afbeelding lijkt op een web dat zich langzaam sluit. Jaap zegt: ‘Dit is mijn karakter; ik denk niet in grijstinten. Het is wit of zwart.’.

Dan stapt Marjolein de gang in. Ze schuift aan bij de tafel. Terwijl Jaap verder praat, stromen de tranen over haar wangen. Jaap vertelt met liefde over haar. Ze hebben geen kinderen, hij wil er zo lang mogelijk voor haar zijn.  ‘Maar’, zegt Jaap met overtuiging, ‘ik wil mijn laatste maanden niet in een ziekenhuis aan het infuus doorbrengen en thuis doodziek op de bank.’. Hij heeft dit uitgebreid met zijn vrouw en vrienden besproken. Marjolein kan van emotie nauwelijks iets zeggen, maar knikt ter bevestiging.

Principes

Ineens raakt Jaap hevig geëmotioneerd en  zegt dat hij het niet meer weet. Hij geeft nog een keer aan dat hij veel van Marjolein houdt, maar dat hij niet van zijn principes af kán stappen. Tegen ‘iedereen’ heeft hij ‘altijd’ gezegd dat hij geen levensverlengende behandelingen wil. Eerder heeft hij zelfs vurige betogen gehouden over de hoge kosten die de medische wereld maakt tijdens behandelingen in het laatste jaar van de patiënt. Deze  tendens beoordeelde hij als onverantwoord en onhoudbaar. En nu zou hij van zijn overtuiging afstappen, omdat hij zelf die patiënt is? Dat is voor hem ondenkbaar!

Ook bij Marjolein lopen de emoties hoog op. Ze geeft aan dat ze zich ‘verscheurd’ voelt. Ze kent haar man goed. Ze kent zijn ideeën en principes en waardeert hem hierom. Het is een man uit één stuk, betrouwbaar, geen verborgen agenda’s. Ze wil hem steunen in de beslissingen die hij maakt, juist in deze kostbare tijd. Maar nu, nu heeft ze het gevoel dat hij zichzelf klem zet en haar ook! Nu zou ze ruimte willen om überhaupt ná te denken over de operatie, samen met de cardioloog.  Voor hem, voor haar, voor de tijd die ze nog samen kunnen hebben.

Diep van binnen

Jaap lijkt geraakt door de woorden van Marjolein. Ook bij hem stromen nu de tranen over zijn wangen. Hij schuift wat dichter naar haar toe en pakt haar hand. Zo zitten ze samen stil naast elkaar. Na een aantal minuten begint Jaap voorzichtig te praten. Het leven heeft hem gevormd. Als hij links gaat, gaat hij links en niet halverwege toch rechts. Als iets zwart is, is iets zwart en niet misschien wel donkergrijs. Het geeft hem houvast, het zit diep. Het is wie hij is. Het heeft hem veel gebracht, in zijn werk, bij het oplossen van schulden als vrijwilliger. Het maakt de situatie duidelijk en helder. Ook in zijn ‘ziek zijn’ heeft het hem geholpen. Het helpt hem om grip te houden, om op koers te blijven. Om er te kunnen zijn voor Marjolein, om niet wanhopig te worden voor dat wat er komt.  Tot nu… nu voelt hij zich gevangen. Alsof hij zichzelf verraadt door na te denken over een operatie. Maar als hij er niet over nadenkt…  Hij kijkt haar aan. Marjolein slaat nu een arm om hem heen en trekt hem tegen zich aan. Er zijn geen woorden meer.

Een nieuwe tekening

Een dag later tref ik Jaap weer aan dezelfde tafel in de gang. Jaap is bezig met een nieuwe tekening. Weer gestileerd, met duidelijke lijnen, wit en zwart. Maar toch heb ik dit thema nog niet eerder gezien. Het lijkt wel een veld met grassen en bloemen. Of niet? Jaap kijkt op en lijkt zelf ook verrast over zijn  ontwerp. Een groot contrast met ‘het sluitende web’ van een dag eerder. Hij kan het zelf niet goed verklaren, maar er lijkt ruimte te zijn ontstaan. Ruimte in zijn hoofd, ruimte in zijn lijf. Ruimte om alsnog met Marjolein de cardioloog te spreken. Vanmiddag hebben ze een afspraak.

Binnen Reliëf zeggen we: ‘Bij ethiek speelt dat wat we ten diepste voelen, onze innerlijkheid, een grote rol in de afwegingen die we maken. Vaak kunnen we er nauwelijks woorden aan geven. We kunnen niet van tevoren weten wat de ander zo diep van binnen ‘roert’. Dit erkennen en er aandacht voor hebben, geeft ruimte voor nieuwe perspectieven.’   

Reliëf trainer Fem Pluimers is geestelijk verzorger en creatief therapeut. Ze heeft ervaring in de ouderenzorg, het hospice en het ziekenhuis. Ze verzorgt trainingen op het gebied van moreel beraad en zingeving. Meer weten? fpluimers@relief.nl

 

 

Aandacht, bijbelpodcast voor zorgmedewerkers

Je werkt als christen in de zorg en je kunt wel wat inspiratie gebruiken. De podcast ‘Aandacht’ biedt een moment van concentratie tijdens een drukke dag, in een veeleisende werkomgeving.

De podcast ‘Aandacht’ kent wekelijkse afleveringen en is het initiatief van zorgorganisatie Leliegroep en de missionaire organisatie IZB. De podcast biedt een korte overdenking (7 minuten luistertijd) geschreven en ingesproken door mensen uit de zorg: geestelijk verzorgers, afdelingshoofden, verpleegkundigen, activiteitenbegeleiders.

Als mede-ontwikkelaar van de veelbeluisterde bijbelpodcast Eerst Dit heeft de IZB inmiddels ruime ervaring met podcasts. Lelie zorggroep, een fusie van christelijke zorginstellingen, broedde al langere tijd op een programma om medewerkers toe te rusten. Door de coronapandemie moesten de plannen in de ijskast worden gezet, terwijl juist in deze periode de behoefte aan bemoediging extra werd gevoeld. Stephan Bol van Lelie: ‘Geestelijke verzorging via een Teams-overleg werkt niet echt, terwijl de behoefte aan een stukje zingeving heel groot was.’

Inmiddels zijn ook andere christelijke zorginstellingen aangehaakt, onder andere Eleos, Accolade ProLife, GGZ De Hoop en Cedrah. Gezamenlijk leveren zij de schrijvers van de bijdragen, die een aanstekelijke mix vormen van persoonlijke observaties, beschouwingen, anekdotes en bijbelse verwijzingen. Een enkele keer komen bewoners of cliënten zelf aan het woord, en geven daarmee een kijkje in hun leefwereld.

De podcast is bestemd voor zorgverleners binnen zowel christelijke als seculiere instellingen. Bol: ‘Je moet bijvoorbeeld ook de taal leren spreken van de niet-christelijke cliënt.’

De podcast ‘Aandacht’ kan worden beluisterd via Spotify en andere bekende kanalen, alsook via het intranet van de aangesloten organisaties.

Historisch perspectief

Van oudemannenhuis naar bejaardentehuis.

Vandaag de dag gaan ouderen in de laatste fase van hun leven vaak naar een bejaardentehuis of krijgen zij zorg aan huis. De eerste moderne variant van het bejaardentehuis opende pas in 1965 haar deuren. Hoe zag de traditie van de zorg voor ouderen voor 1965 er uit?. Wij schetsen u een historisch perspectief op de ouderenzorg in Nederland.

Oudemannenhuis
Vanaf het einde van de Middeleeuwen kent Nederland speciale woonvormen voor ouderen. In de dertiende eeuw bestonden de zogenaamde hofjes waar rijke regenten een woonplek verschaften voor arme oude mensen. In deze middeleeuwse vorm woonden ouderen samen in de hofjes, maar dienden zij voor zichzelf te zorgen. Tijdens de Gouden Eeuw wordt er in de hofjes aan de bewoners de eerste en meest noodzakelijke vorm van zorg aangeboden. Vaak was er maar een verzorgende voor meerdere hofjes beschikbaar. De hofjes werden in de volksmond al genoemd de oudemannenhuizen genoemd, omdat ze alleen toegankelijk waren voor mannen op leeftijd. De heersende gedachte indertijd was dat vrouwen op hun oude dag beter in staat waren om in de laatste dagen van hun leven voor zichzelf te kunnen zorgen.

Streng toezicht
Aan het einde van de Gouden Eeuw ontpopten zich ook de eerste oudevrouwenhuizen, vaak gecombineerd met woningen voor mannen. Er heerste in de hofjes een streng en sober beleid, vergelijkbaar met de stijl waarin monniken indertijd samenleefden. Zo was er een vaste tijd om op te staan, te bidden, te eten en naar bed te gaan. Dronkenschap, binnenkomen na de avondklok en vrouwenbezoek in het oudemannenhuis was absoluut verboden en werd streng bestraft. Gestraften moesten bijvoorbeeld met een blok om het been lopen, kregen geen ontbijt, of moesten om een voorbeeld te stellen een tijd aan de schandpaal in het hofje staan.

En ook de privacy voor de bewoners was bepaald niet gewaarborgd. Men sliep er vaak met velen in één dezelfde ruimte. In de 18e en 19e eeuw begon zich een onderscheid af te tekenen van hofjes waar ouderen zich in moest kopen. Deze betaalde vorm van laatste rustplaats was luxer, maar voor velen niet weggelegd. De woonvormen van hofjes waren voor de twintigste eeuw noodzakelijk, omdat de mantelzorg van kinderen en naasten meestal niet haalbaar was. Familieleden en vrienden hadden zelf de grootste moeite om rond te komen en konden de zorg voor ouderen niet dragen.

Sociale kwestie

Eind 19e eeuw verergerde het probleem van de opvang van ouderen, doordat de bestaande tehuizen overvol kwamen te zitten. Steden raakten door de industrialisatie overvol. De zorg en huisvesting van ouderen stond niet op de politieke agenda waardoor de omstandigheden voor hen penibel werden en de hygiëne danig tekortschoot.

De overheid begon begin 20e eeuw zich de problematiek van ouderenzorg aan te trekken en zette het neer als een apart sociaal probleem van de samenleving, waarvoor oplossingen gezocht dienden te worden. De grote economische depressie van de jaren dertig en de Tweede Wereldoorlog stelden echte sociale wetgeving omtrent ouderenzorg voor zich uit. De Armenwet van 1912 maakte de familie volledig verantwoordelijk voor de onderhoudsplicht van de ouden van dagen. Dit nam kosten uit handen voor de overheid, maar was natuurlijk niet de noodzakelijke en gewenste oplossing voor het ouderenzorgprobleem.

Naoorlogse jaren
Het zijn de jaren van wederopbouw na de Tweede Wereldoorlog die de situatie rondom de ouderen uiteindelijk weten te verbeteren. De roomsrode kabinetten onder leiding van Willem Drees bieden de eerste echte oplossingen en lopen vooruit op de huidige zorg voor ouderen. Met de ‘Noodvoorziening voor ouden van dagen’ uit 1947, in 1957 omgedoopt tot de Algemene Ouderdomswet legt de verantwoordelijkheid voor de zorg van armen bij de overheid en daarmee bij de samenleving. In 1965 wordt dan vervolgens het eerste moderne bejaardentehuis geopend in Eygelshoven. Het is een gevolg van de kwaliteitswetgeving voor de bejaardenzorg die in de jaren zestig opkwam. Vele moderne bejaardentehuizen zijn er sindsdien bijgebouwd.

Zelfstandig wonen
Vanaf de jaren zeventig komt er daarnaast overheidsbeleid dat de aantallen ouderen in verzorgingshuizen dient te reguleren. Ouderen worden aangemoedigd zo lang mogelijk zelfstandig te blijven wonen. In 1975 staat bijvoorbeeld in de Nota Bejaardenbeleid dat maximaal zeven procent van de ouderen in een verzorgingshuis zou mogen wonen. Voor de overige 93 procent komen er voorzieningen die de zorg in huis moet regelen zoals: wijkverpleging, gezinsverzorging, kruiswerk en de zogenaamde ‘woonzorgzone’ van aanleunwoningen.

Mantelzorg
De laatste trend in de ouderenzorg is de een stijgende vraag naar en verantwoordelijkheid voor mantelzorgers. Een vraag en verantwoordelijkheid die zeer waarschijnlijk de laatste jaren zullen blijven stijgen. Door de recente bezuinigingen op het deel van de ouderenzorg in de kabinetten Rutte is mantelzorg steeds noodzakelijker. De relatie tussen professionele en informele zorg wordt door maatregelen van de regering in een nieuw perspectief geplaatst.

Bron: www.isgeschiedenis.nl 

Mijn leven in kaart

Workshop ‘Mijn leven in kaart’
Maandag 13 juni, De Hofclub in Woerden, 13:30 tot 16:30 uur.
Trainer: Wout Huizing.
Kosten: € 175,00 (inclusief het boek ‘Mijn leven in kaart’)

De methode ‘Mijn leven in kaart, met ouderen in gesprek over hun levensverhaal’ is sinds 2007 een beproefde en succesvolle methode binnen de ouderenzorg. Onlangs is het ook geplaatst op de databank met erkende interventies in de ouderenzorg, als goed onderbouwde interventie op het gebied van zingeving.

Tijdens de training sta je erbij stil wat het betekent als mensen hun levensverhaal aan een ander vertellen. Dat kan van alles oproepen! Je zet de puntjes op de i als het gaat om het luisteren naar levensverhalen en ontdekt hoe je daarover in gesprek kunt zijn. Je maakt kennis met de methode hoe op basis van deze gesprekken een levensboek samen te stellen. Vanzelfsprekend hoor je over de visie en uitgangspunten waarom juist deze aandacht voor levensverhalen voor oudere mensen zo relevant is. Daarnaast ontvang je praktische tips om met de methode aan de slag te gaan en is er volop ruimte voor je eigen vragen. Na de training heb je voldoende handvatten om met een oudere een traject aan te gaan en een levensboek te schrijven.

De trainer is Wout Huizing, één van de ontwikkelaars en auteurs van Mijn leven in kaart.
Hij schreef ook mee aan uitgaven om met mensen met dementie in gesprek te gaan over hun levensverhaal (‘In gesprek met mensen met dementie’) of met oudere migranten (‘Mijn leven in kleur’).

Inschrijven kan hier.

 

Doelgroep: Zorgprofessionals, artsen, bestuurders, leden van een medisch ethische commissie, (zorg)managers en beleidsmedewerkers

Datum: 13 juni 2022

Trainer: Wout Huizing
Locatie Woerden, Hofclub, Zaagmolenlaan 4
Aantal deelnemers: 8 – 12
Kosten € 175 –  inclusief het boek Mijn leven in kaart.

Meer informatie

  • Deze workshop is ook beschikbaar als in company aanbod en op maat.

Digitale Ethiekmiddag

Op dinsdag 10 mei van 14.00 tot 16.00 uur staat er weer een online ethiekmiddag gepland, met als thema Emoties in het moreel beraad. Deze online middag zal geleid worden door Trijntje en Fem. De kosten voor deelname bedragen € 60,00.

Emoties in het moreel beraad: Waar komen die emoties vandaan en hoe kun je als gespreksleider goed omgaan met deze emoties zodat ze het moreel beraad bevorderen?

Emoties kunnen de ethische reflectie vertroebelen, maar kunnen de ethische reflectie ook bevorderen. Vaak steken emoties de kop op binnen het moreel beraad. Tijdens deze middag leer je waar deze vandaag komen, wat ze met ethiek te maken hebben en hoe emoties vruchtbaar kunnen zijn in het moreel beraad. Ook geven we tips en suggesties hoe je met emoties om kunt gaan en op een professionele wijze kunt reguleren in een moreel beraad.

Aanmelden voor deze online cursusmiddag kunt u hier.

Blog Bert Buirma

Voor het vertellen van een goed verhaal is eerst en vooral een luisteraar nodig.

Verhalend werken is een thema waaraan binnen Relief veel aandacht besteed wordt en waarvoor prachtige workshops en materialen zijn ontwikkeld. Wie een cliënt of patiënt echt wil leren kennen zou moeten luisteren naar diens levensverhaal.

Het werken met de levensverhalen van de zorgvrager in de reguliere zorg in het algemeen en in de palliatieve fase in het bijzonder vraagt van de zorgmedewerker inzicht hoe en waar je dit in kunt zetten. Wanneer het levensverhaal min of meer plichtmatig wordt toegevoegd aan het zorgdossier, omdat dit in de instructies staat, mist het haar doel.

Het verhalen delen is natuurlijk al eeuwen oud. De bijbel staat vol met verhalen en de lessen die Jezus ons leert, bestaan voor een groot deel uit verhalen. Er zijn mensen die van nature prachtig kunnen vertellen, een schitterend talent is dat. Ademloos kunnen wij luisteren naar deze verhalen. Er zijn ook mensen, best een grote groep, die denken van zichzelf dat zij niet zo goed zijn in het vertellen, laat staan wanneer het gaat om het levensverhaal. Het levensverhaal van een gemiddeld 84-jarige is ook nogal wat.

Daarom zou ik ook aandacht willen geven aan het belang van het kleine verhaal. Mijn moeder is vorig jaar op 97-jarige leeftijd overleden. Haar wereld was de laatste jaren steeds een beetje kleiner geworden. Als ik op bezoek kwam vroeg zij belangstellend naar mijn verhaal, de kinderen, het werk. Ik vertelde mijn verhaal en wanneer ik klaar was stelde zij dezelfde vraag opnieuw. Mijn verhaal kwam niet duidelijk binnen. Daarom vroeg ik naar haar verhaal. En vaak vertelde zij het verhaal van toen zij 10 jaar was en een kano had gekregen van haar vader en daarmee kon gaan kanoën. Je kon prachtig zien hoe gelukkig zij werd bij het vertellen van dat verhaal, keer op keer. Keer op keer voor haar een moment dat vermoedelijk veel geluk in zich. Een op zichzelf, klein verhaal met inhoudelijk weinig betekenis, maar voor haar van grote betekenis vanwege de onderliggende laag. Dat is ook de kracht van een goed verhaal, het ontdekken van de onderliggende laag. De verteller trekt zelf in het verhaal. Voor een goed verhaal hebben wij natuurlijk eerst en vooral een goede luisteraar nodig. Uit persoonlijke ervaring kan ik delen, dat er weinig mooier is dan een verhaal vertellen aan een goede luisteraar. Zo ontstaat er een interessante paradox en dat is dat een goed verhaal begint bij een goede luisteraar. En die wens ik u allen toe.

Bert Buirma is bestuurder van Zorgcentrum Roomburgh en bestuurslid van Relief