De verspreiding van het Corona-virus lijkt een halt toe geroepen te zijn. Het virus is nog onder ons, maar de verregaande maatregelen zijn gelukkig teruggedraaid. We moeten voorzichtig blijven, maar kunnen ook weer ruimer ademhalen. 

Er is veel gebeurd in de afgelopen maanden. Indrukwekkende verhalen hebben ons bereikt. Het lijkt ons goed om na de handreikingen die we hebben gedaan rond ethische vraagstukken, nu iets te schrijven over hoe we samen naar het zogenaamde nieuwe normaal kunnen gaan. Dat vraagt om speciale aandacht voor de mogelijke spanning, verdriet, woede en angst bij cliënten, verwanten, vrijwilligers en zorgprofessionals, maar ook voor de solidariteit, de inzet en de veerkracht die is getoond. In deze handreiking geven we eerst een korte impressie van wat er is gebeurd. Daarna zetten we uiteen wat het belang is van op verhaal komen. We sluiten af met enkele praktische suggesties en relevante links. 

Wat is er gebeurd? 

Om kwetsbare mensen in de langdurige zorg te beschermen mochten zij niet tot nauwelijks bezoek ontvangen en in veel gevallen ook niet buiten komen. Opnieuw is gebleken hoe onmisbaar het is om contact te hebben met mensen die je dierbaar zijn. Veel bewoners en ook naasten hebben enorm geleden onder deze isolatie. Daarbij was er ook in de ziekenhuizen maar beperkt ruimte om elkaar als naasten bij te staan, soms stierven mensen zonder een naaste aan het bed. 

Het lijden dat de bezoekregeling deze laatste maanden teweeg heeft gebracht is enorm. Daarnaast weten we ook dat deze regeling voor sommige mensen juist rust heeft gebracht. 

In ziekenhuizen, verpleeg- en verzorgingshuizen en in instellingen voor mensen met een verstandelijke beperking zijn veel mensen gestorven aan het virus, hoewel het virus niet overal heeft toegeslagen. Soms waren de omstandigheden ronduit dramatischVaak was er niet of nauwelijks gelegenheid om waardig afscheid te nemen. Overledenen werden vaak op de dag van overlijden opgehaald. 

Medebewoners en personeel werden soms pas in een laat stadium met het bericht van overlijden geconfronteerd. De gebruikelijke afscheidsrituelen konden niet plaatsvinden. Ook de uitvaarten waren voor de nabestaanden vaak extra belastend omdat er geen warme begroeting was, geen handen konden worden geschud er maar 30 genodigden waren en geen bijeenkomst na afloop 

Niet te onderschatten is de angst om ziek te worden. 

Geestelijk verzorgers, activiteitenbegeleiders en psychologenandere paramedici maar ook vrijwilligers werden veelal geweerd. Leidinggevenden en ondersteunend personeel moesten vanuit hun thuissituatie het werk verrichten. Velen van hen hebben het gevoel dat ze op een bepaalde manier aan de zijlijn hebben gestaan, hoewel ze zo goed als ze konden probeerden mee te leven en een bijdrage te leveren. Hoe sluiten zij weer aan?  

Ook voor de zorgprofessionals die wel op de werkplek aanwezig waren was het een ingrijpende tijd. Het grillige ziektebeeld bracht met zich mee dat waar men de ene dag opgelucht ademhaalde dat het weer de goede kant uit ging, men de volgende dag verbijsterd moest constateren dat iemand toch kwam te overlijden 

Vaak was er vervolgens geen ruimte om de familie te spreken of te groeten, laat staan verdriet en herinneringen te delen.  

De zorgmedewerkers in de ziekenhuizen hebben bloot gestaan aan hoge stress en velen van hen zijn grenzen van zelfzorg overgegaan. Gelukkig hadden zij al snel goede beschermende middelen, waar dat niet het geval was in de intramurale langdurige zorg. Daar hebben verpleegkundigen, verzorgenden en begeleiders tot hun frustratie met te weinig beschermingsmiddelen moeten werken. Dit heeft ook voor veel spanning gezorgd. Velen van hen hebben hun contacten met derden tot een minimum beperkt om zelf niet de bron van besmetting te worden. Sommige van hen vermoeden dat zij het virus hebben binnengebracht en voelen zich medeschuldig aan de dood van mensen die aan hun zorg waren toevertrouwd.  

Bestuurders en andere leidinggevenden moesten vergaande besluiten nemen, over wie wel en niet naar binnen mocht, over isolatieprotocollen en over het al of niet oprichten van een corona-cohort. Het hoofd koel houden, terwijl je weet welke impact de besluiten hebben, heeft veel van hen gevraagd. 

Op verhaal komen 

Nu het stof van het coronavirus en alles eromheen langzaam neerdwarreltkomt er ruimte om terug te kijken. En ook om de overgang naar een nieuwe periode te markeren, waarin meer ruimte komt om het werk weer op te pakken, maar waarin ook beschermende maatregelen van kracht blijven.  

Als we zonder de overgang te markeren doorgaan, komt een aantal essentiële morele waarden in het gedrang. Het respect voor de mensen die zijn overleden, de erkenning van de angst, woede, onmacht en schuldgevoelens, de waardering voor de buitengewone inspanning die geleverd is, nazorg voor cliënten, patiënten, verwanten en zorgprofessionals die behoefte hebben aan speciale zorg. Hoe markeren we de overgang van een crisissituatie naar een semi-normale situatie en wat kunnen we terugkijkend leren van wat er gebeurd is? Daarom is het van belang dat we ruimte maken om op verhaal te komen, door verhalen te delen, samen te vieren en te gedenken, waardering uit te spreken en erkenning te geven en om te reflecteren en te leren. Dat opent de weg naar de toekomst van een nieuwe normaal. Het helpt om in mentaal en moreel opzicht gezond te blijven. 

Niet overal zijn de gevolgen van de coronacrisis even sterk gevoeld. De manier van op verhaal komen zal dus moeten passen bij de eigen verhalen van de organisatie en de locaties. Hieronder doen we een aantal praktische suggesties. 

Praktische suggesties 

Op individueel niveau 
  • Bied individuele zorg voor patiënten, cliënten en verwanten. Er is al volop aandacht voor de specialistische individuele nazorg van mensen die een corona-besmetting hebben opgelopen en ook voor hun verwanten. Zie onder meer de website zorgvoorbeter en vgvz.nl. 
  • Om op verhaal te komen zijn geestelijk verzorgers en psychologen graag bereid om een luisterend oor te bieden of andere ondersteuning als dat nodig is, niet alleen voor cliënten en verwanten, maar zeker ook voor collega’s die worstelen met ingrijpende gebeurtenissen of schuldgevoelens. 
  • Ook individuele rituelen kunnen steun bieden om te verwerken wat er is gebeurd, zoals meditatie, schrijfoefeningen, meditatieve wandelingen of het doen van gebeden.  
In groepen 
  • Voor teams kan het goed zijn om, samen met bijvoorbeeld paramedici of facilitair personeel, herinneringen op te halen en verhalen te delen. Doe dit onder begeleiding van iemand die ervaren is als gespreksleiderHet delen van verhalen is bij uitstek geschikt om letterlijk samen op verhaal te komen. Indien er zeer ingrijpende gebeurtenissen hebben plaatsgevonden kan ook gedacht worden aan een debriefingsbijeenkomst. Goede professionele begeleiding is van belang, zie onder meer dit webinar. Let op, bedenk altijd samen met de betrokkenen hoe dit vorm moet krijgen! Bij het delen van verhalen gaat het niet alleen om leed, maar ook om de waardering voor de veerkracht die geboden is. 
  • Indien daar behoefte aan is, kan de verhalensessie uitgebreid worden met een viering, waarin de deelnemers overleden cliënten, patiënten of bewoners (of anderen) kunnen gedenken, met behulp van een bloem, een steen of een kaarsje. Let erop dat niet iedereen woorden paraat heeft voor de spirituele dimensie van het gedenken. Non-verbale rituelen kunnen veilig en weldadig zijn. Mogelijk kan gebruikt gemaakt worden van materialen of rituelen die voor herdenkingsbijeenkomsten zijn ontwikkeld.  
  • Voor het evalueren van morele dilemma’s die zich hebben voorgedaan, is ook het houden van een moreel beraad geschikt www.relief.nl/corona. 
  • Afhankelijk van de setting en de behoefte eraan, kunnen dergelijke bijeenkomsten ook met familie belegd worden. 
  • Speciale aandacht vragen de vrijwilligers, die ondanks dat ze zeer betrokken waren, een tijdlang buiten spel hebben gestaan. 
Op organisatieniveau 
  • Neem ruimte om de beleidskeuzes die gemaakt zijn zorgvuldig te evalueren, vanuit de invalshoek: wat zouden we anders doen als we nog een besmettingsgolf krijgen? Denk bijvoorbeeld aan de balans tussen veiligheid en het mentaal en geestelijk welbevinden van cliënten en bewoners, de rigoureuze maatregelen omtrent het ontvangen van bezoek of de verdeling van beschermende middelen. Communiceer openlijk over deze beleidsevaluaties met medewerkers en cliëntenraden en de VAR’s. 
  • Verhalen delen met lokale directies en afdelingshoofden is ook belangrijk. In de afgelopen tijd zijn tal van vergaande besluiten genomen, ad hoc en vaak ook alleen voor een bepaald team, afdeling of locatie, soms ook door mensen die niet zelf op de locaties aanwezig waren. Dat kon ook niet anders. Het is nuttig om de gevolgde strategieën te bespreken en te vergelijken, ook om draagvlak te creëren voor als er nieuwe besluiten moeten worden genomen, hetzij bij versoepeling, hetzij bij een nieuwe besmettingsgolf. 
  • Mogelijk is het nu nog te vroeg om samen te vieren en te gedenken, maar een gezamenlijke bijeenkomst (mogelijk deels via beeld) waarin overledenen bij name herdacht worden, waarin de waardering voor de inzet en solidariteit gevierd wordt en waarbij het zoeken naar de zin van dit alles onder woorden wordt gebracht, kan heilzaam zijn om deze ingrijpende periode te markeren als overgang naar een nieuwe fase.  

Ten slotte: door veel teams zijn enorme prestaties neergezet. Het is ook goed om hier met trots op terug te blikken. En daar waar er ruimte voor is, te waarderen wat goed, leerzaam en nuttig was in de laatste maanden. Te besluiten wat de organisatie  wil behouden aan wat zij aan kennis en vaardigheden heeft opgedaan.  

Wij hopen u met deze suggesties van dienst te zijn. Graag blijven we met u meedenken in deze bijzondere tijden en we zijn u waar nodig van dienst. Zie voor ons aanbod: www.relief.nl/corona. 

We wensen iedereen toe dat er tijd komt om op adem te komen. 

Met vriendelijke groet,
Thijs Tromp, directeur Reliëf