030 - 76 00 115 info@relief.nl

Thijs Tromp, directeur van Reliëf, begeleidt regelmatig morele gesprekken, met zorgverleners, managers of bestuurders. Soms gaat het over een concreet dilemma, soms ook betreft het een breder thema. Het voeren van een moreel beraad helpt om op een verantwoorde manier beleid te voeren in de zorg. En ook om de consequenties van ingevoerd beleid te toetsen aan de morele kernwaarden van de zorg. Hieronder buigt Thijs zich over de vraag of de invoering van gezelschapsrobots – menslievende robots – een goede zaak is.

Casus

‘Het is toch te gek voor woorden dat we robots inzetten om mensen in de zorg gezelschap te houden?’ Deze uitroep hoorde  ik kort geleden in een gesprek tussen een geestelijk verzorger en een bestuurder, en het was niet voor het eerst. Het gaat over de opmars van gezelschapsrobots in de zorg. Zieke kinderen in het ziekenhuis en ouderen die thuis of in een zorginstelling wonen krijgen steeds vaker een robot aangeboden, die  gezellige gesprekken voert, hen helpt herinneren aan afspraken, geheugenspelletjes doet, de inname van medicijnen begeleidt of oplet of het gasfornuis uit is en de ramen dicht. Het  mooiste is dat de robots een oplossing lijken te zijn voor eenzaamheid. Superhandig, zou je denken, wat is het probleem?  Zeker als je bedenkt dat ongeveer een miljoen ouderen zich  eenzaam voelt. Kom op met die robots, geen tijd te verliezen,  zou je zeggen. En toch rijst er bij velen twijfel over de wenselijkheid van deze ontwikkeling.

Menslievende robots

Technische vindingen helpen ons om kwaliteit van zorg te verbeteren. Medicijnen, hulpmiddelen, medisch technische apparatuur, consult op afstand, sensoren in slaapruimtes of elektronische dossiers, stuk voor stuk helpen ze ons om de zorg beter te maken. Bovendien verlichten we door de inzet van techniek ook de werkdruk van zorgverleners. Zij houden dan misschien zelfs tijd over om persoonlijke aandacht aan patiënten en cliënten te geven. De inzet van techniek is goed, zolang het ten dienste staat van het realiseren van morele waarden die wij in onze samenleving nastreven.

Die robot zonder intelligentie, gevoel of  moraal betekent veel voor mevrouw Van Dun.

Techniek is niet neutraal

De inzet van technische hulpmiddelen kan de realisering van kernwaarden ook onder druk zetten. Kalmerende medicijnen, die een zegen zijn voor geagiteerde mensen, worden helaas nog steeds ingezet om patiënten of bewoners ‘rustig te houden’ – een vorm van chemische fixatie. Dan is niet het ‘goede leven’ van de cliënt leidend, maar staat het ‘werkplezier’ van de zorgverleners voorop. Elektronische dossiers kunnen de overdracht in de zorg sterk verbeteren. Maar als inspectie of zorgverzekeraars deze handige systemen willen gebruiken om steeds meer inzage te krijgen in de ‘geleverde zorg’, dan trekt uiteindelijk de cliënt aan het kortste eind, omdat zorgverleners een te groot deel van hun tijd bezig zijn met het invullen van gegevens. Hetzelfde geldt voor de gezelschapsrobots. Als deze worden ingezet om de veiligheid van de cliënten te vergroten, dan is dat prima.

Wat nu te denken van robots die worden ingezet om cliënten aandacht, aanspraak en gezelligheid te bieden? Precies op dat punt springt bij velen de kritisch morele intuïtie op. Is het wel goed om ons onvermogen om (intensieve) aandacht aan kwetsbare mensen te geven ‘op te lossen’ met de inzet van robots, zonder intelligentie, gevoel of moraal?

Nooit meer eenzaam

Menslievende Robots, Zin in Zorg.

Nooit meer eenzaam met Zora

Toen ik me hierin verdiepte, bekeek ik onder meer de documentaire ‘Nooit meer eenzaam met Zora’. De documentairemakers volgen mevrouw Van Dun en haar zorgrobot Zora. Het was een overweldigende kijkervaring. Op een bepaald moment gaat mevrouw Van Dun naar de kerk, met Zora pontificaal voorop de rollator. Als ze de kerk binnenkomen zegt Zora: ‘Wat mooi!’ Mevrouw Van Dun zegt: ‘Ja, mooi hè, dat is de kerk.’ Als mevrouw Van Dun Zora tot aan de voeten van het beeld van Ons Lieven Vrouwke heeft gereden reageert de robot alert: ‘Ik zie allemaal kaarsen.’ Van Dun: ‘We gaan een kaarsje opsteken voor mijn man, die overleden is, zodat we hem niet vergeten.’ Zora: ‘Moeten we stil zijn?’ Van Dun: ‘Ja, nu moeten we even stil zijn.’ Zora, na een moment van stilte: ‘Mag ik nu weer praten?’ ‘Ja, hoor’, lacht mevrouw Van Dun: ‘Nu mag je weer praten.’ Ik zat te kijken met een brok in mijn keel en een bitterzoet gevoel in mijn maagstreek. Wat moet je hier nu van vinden? Die robot, zonder intelligentie, gevoel of moraal betekent zeer veel voor mevrouw Van Dun. Was dit een mens geweest, dan zou ik niet aarzelen om te zeggen dat we hier kijken naar een schoolvoorbeeld van menslievende zorg. Maar precies omdat het een robot is, keek ik ernaar met een bitterzoet gevoel.

De lieve robot

Belichaamt deze robot de belangrijke morele waarden van aandacht, nabijheid, betrokkenheid en responsiviteit, of zien we hier vooral het onvermogen van een samenleving die onvoldoende tijd en geld vrijmaakt om eenzame ouderen liefdevol gezelschap te bieden? Of moet ik tussen beide geen tegenstelling maken? Is het misschien een creatieve oplossing die een aanvulling biedt op de aandacht en liefde die onze samenleving geeft aan eenzame mensen?

Zorgaanbieders, die overwegen om gezelschapsrobots in te voeren, doen er goed aan om vooraf een moreel beraad te voeren om hun motieven te onderzoeken. Zetten ze Zora in om een gebrek aan menselijke aandacht te maskeren, of gebruiken ze Zora om ouderen, nog meer dan voorheen, het gevoel te geven dat ze gezien worden, als mens? Deze morele bezinning blijft van belang, niet alleen bij de invoering van de robot maar ook daarna, om de praktijk die erdoor ontstaat vanuit een moreel perspectief te evalueren. Het invoeren van technische vindingen is niet neutraal, je creëert een nieuwe werkelijkheid. Als lieve robots de menslievendheid in de zorg van ons gaan overnemen, dan moet er bij ons een lampje gaan branden.

Tips

  • Een moreel beraad hoeft niet per se over een situatie in de directe zorgverlening te gaan. Ook bestuurders en managers kunnen over beleidsbeslissingen een ethisch gesprek voeren.
  • Voor een moreel beraad kun je naast het Reliëf stappenplan ook een hermeneutische methode gebruiken. Die geeft meer zicht op de maatschappelijke betekenis van het ethische vraagstuk.